Gooien

Op deze pagina vindt je allereerst informatie over de juiste gooi techniek. Daarna zal er wat uitleg worden gegeven over het herkennen en corrigeren van fouten. Afsluitend zal er toegelicht worden wat de natuurkunde achter een boemerangworp is, er komen namelijk een paar hele mooie natuurkundige principes bij kijken.

Goed gooien

Veiligheid

Allereerst, veiligheid boven alles! En dat is niet alleen jouw veiligheid, maar ook de veiligheid van omstanders en objecten om je heen. Je gaat bijvoorbeeld geen zware boemerang midden in een woonwijk gooien. Dan gaat die er bij de woonkamer in en komt die er bij de keuken weer uit. Dat wordt niet op prijs gesteld.
Elke boemerang heeft bepaalde eigenschappen. Eén daarvan is de vliegafstand. Je hebt boemerangs die zo’n kleine vliegafstand hebben dat je ze thuis in je kamer kan gooien, maar je hebt ook lange afstands boemerangs die halve voetbalvelden afleggen.

Dus: Hoe ver vliegt jouw boemerang? Zoek een open grasveld uit die ruim voldoende ruimte hier aan biedt.

Gooien (rechtshandig)

Voor een goede worp moet je ook rekening houden met een paar zaken. De aller belangrijkste 2: Waar is de wind? Hoeveel wind is er?

Waar is de wind is van belang om je eigen plek op het veld te bepalen. Als je de ruimte hebt ga je natuurlijk lekker in het midden staan. Zo niet, plaats jezelf dan aan een kant van het veld waar je de wind op je linkerwang voelt waaien. Loop een stukje het veld in, want als je gooi niet helemaal perfect is, is de kans groot dat je boemerang voor of achter je wil landen. Neem hier wat speling voor.

Hoeveel wind is er? Dat is van belang voor hoe hard je zo gooit. Als je in de luxe positie bent dat je meerdere boemerangs bij je hebt, houdt er dan rekening mee dat bij meer wind een zwaardere boemerang vaak geen slecht idee is.

Boemerang werp collage

Okay, het gooien. Houdt de boemerang in je rechterhand. Elleboog (knik) naar je toe (voor een 2-armige boemerang), platte kant van je af, kant met bolling en vliegprofiel dus naar je toe. Je gooit de boemerang bijna rechtstandig (dus niet evenwijdig/liggend aan de grond). Van belang is het ook dat je goed je pols gebruikt. Door een scherpe twist met de pols te doen tijdens de worp geef je ‘spin’ aan je boemerang. Deze spin zorgt voor de nodige lift waarmee de boemerang zijn baan kan afleggen. Zelf houdt ik hiertoe de boemerang vast alsof ik een pen vasthoudt en ik klap mijn pols zover mogelijk naar achteren. De boemerang ligt dan evenwijdig aan mijn arm. Ik kan dan pols en vingers gebruiken om zoveel mogelijk spin te creëren.

Afhankelijk van de hoeveelheid wind moet je nu meer of minder kracht zetten. Boemerangs verschillen in hoe ze reageren op wind, experimenteer met die van jou. Gooi eens zachtjes, gooi voluit, kijk hoe die reageert en pas je worp steeds aan zodat hij steeds beter terug komt.

Vangen

Bij een goede worp komt de boemerang zo dichtbij terug dat je hem weer kan vangen. Zoals eerder gezegd, blijf altijd kijken naar waar je boemerang heen vliegt, voor jouw veiligheid en die van anderen. Ook weet je dan waar je de boemerang kan verwachten om te vangen. Bij een goede worp komt de boemerang horizontaal terug. De makkelijkst manier van vangen is door hem plat te slaan tussen je twee handen. Als je hem in één hand probeert te vangen aan een arm kan dit flink pijn doen, hij beweegt nog sneller dan je denkt.